Spelregels
Discipline in vier regels
Het plan werkt omdat de regels vaststaan vóórdat de markt beweegt. Dit zijn de afspraken die in elke fase gelden.
DCA-richtlijn
Maandelijks inleggen volgens de streefgewichten van de actuele fase, ongeacht het marktsentiment. De inleg volgt de doelmix en corrigeert geen bestaande afwijkingen. Die worden gecorrigeerd bij de periodieke herbalancering.
BANDBREEDTES: DE 5/25-REGEL
Rond elk streefgewicht ligt een bandbreedte. Die is niet altijd 5%, maar volgt de 5/25-regel. Er wordt ingegrepen zodra een positie 5 procentpunt absoluut of 25% relatief afwijkt van het streefgewicht, afhankelijk van welke grens het eerst wordt bereikt. Binnen de bandbreedte gebeurt er niets.
Herbalanceren
Per kwartaal wordt de portefeuille gemeten. Staat een positie buiten de bandbreedte, dan wordt deze teruggebracht naar het doelgewicht. Staat alles binnen de bandbreedte, dan gebeurt er niets.
Handrem
Zakt een risicoklasse onder een vast trendniveau, dan wordt maximaal 25% van het totale vermogen aan risico afgebouwd. Aandelen worden verkocht en bitcoin wordt afgedekt via futures, zodat de positie zelf behouden blijft. Goud en obligaties blijven buiten schot. De blootstelling wordt hersteld zodra het herstel is bevestigd.
Waarom 5/25 en niet gewoon 5%?
Een vaste bandbreedte van 5 procentpunt werkt goed voor grote posities, maar is te ruim voor kleine posities.
Een positie met een doelgewicht van 2,5% kan nooit 5 procentpunt naar beneden afwijken. Die zou daardoor nooit worden bijgestuurd, ook niet als de positie halveert. De 5/25-regel lost dit op met twee drempels. De smalste van de twee is bepalend.
| Doelgewicht | 5 procentpunt | 25% relatief | Bindende band |
|---|---|---|---|
| 50% | 45 – 55% | 37,5 – 62,5% | 45 – 55% |
| 30% | 25 – 35% | 22,5 – 37,5% | 25 – 35% |
| 10% | 5 – 15% | 7,5 – 12,5% | 7,5 – 12,5% |
| 5% | — | 3,75 – 6,25% | 3,75 – 6,25% |
| 2,5% | — | 1,875 – 3,125% | 1,875 – 3,125% |
- 5 procentpunt
- 45 – 55%
- 25% relatief
- 37,5 – 62,5%
- Bindende band
- 45 – 55%
- 5 procentpunt
- 25 – 35%
- 25% relatief
- 22,5 – 37,5%
- Bindende band
- 25 – 35%
- 5 procentpunt
- 5 – 15%
- 25% relatief
- 7,5 – 12,5%
- Bindende band
- 7,5 – 12,5%
- 5 procentpunt
- —
- 25% relatief
- 3,75 – 6,25%
- Bindende band
- 3,75 – 6,25%
- 5 procentpunt
- —
- 25% relatief
- 1,875 – 3,125%
- Bindende band
- 1,875 – 3,125%
Bij grote posities is de absolute drempel bepalend, bij kleine posities de relatieve. Zo krijgt elke positie een bandbreedte die in verhouding staat tot haar omvang.
De bandbreedte in beeld
Voorbeeld: een doelgewicht van 30% met een bandbreedte van 25% tot 35%.
Groeit een activaklasse buiten de bandbreedte, bijvoorbeeld naar 38%, dan wordt deze bij de eerstvolgende kwartaalmeting teruggebracht naar het doelgewicht. Zo neem je automatisch winst op wat sterk is gestegen en koop je bij wat is achtergebleven, zonder dat er op dat moment een beslissing nodig is.
De fase-overgangen
Vijf mijlpalen, vastgelegd op leeftijd.
18
Groei
33
Opbouw
46
Balans
55
Behoud
60
Pensioen
De kwartaalcheck
Vier stappen, vier keer per jaar.
- 1Meet de actuele wegingen.Wat is elke positie op de peildatum werkelijk waard als percentage van het totale vermogen? Gemeten op de laatste handelsdag van het kwartaal, tegen de slotkoers.
- 2Vergelijk met de doelmix van je fase.De doelwegingen en bijbehorende bandbreedtes staan per fase op de strategiepagina.
- 3Buiten de band? Herbalanceer terug naar het doel.Binnen de bandbreedte gebeurt er niets. De maandelijkse inleg loopt gewoon door.
- 4Fase-leeftijd bereikt? Schakel over naar de nieuwe mix.Dit is de enige stap die op leeftijd wordt bepaald in plaats van per kwartaal. Vanaf dat moment gelden de nieuwe doelwegingen voor zowel de maandelijkse inleg als de herbalancering.